Waarom de Heiligen het evangelie brengen tot het lichaam

Uit Bijbelse Boeken en Preken

Ga naar:navigatie, zoeken

Verwante bronnen
More Door John Piper
Auteur Index
More Over De Aard van de Kerk
Onderwerp Index
Over deze vertaling
English: Why the Saints Minister to the Body

© Desiring God

Share this
Onze Missie
Deze vertaling is van het Evangelie Vertalingen, een online dienst, de evangelie gecentreerde boeken en artikelen vrij verkrijgbaar in elke natie en taal.

Hier meer (English).
Hoe u kunt helpen
Als u goed Engels spreken, kunt u met ons vrijwillig als vertaler.

Hier meer (English).

Door John Piper Over De Aard van de Kerk
Een deel van de The Church: Living Together When Christ is All in All-serie

Vertaling door Bert Dijkhoff

Review U kunt ons helpen door de herziening van deze vertaling voor de nauwkeurigheid. Hier meer (English).



Efeziërs 4:7-161
Aan ieder van ons is genade geschonken naar de maat waarmee Christus geeft. Daarom staat er: ‘Toen Hij opsteeg naar omhoog, voerde Hij gevangenen mee en schonk Hij gaven aan de mensen.’ ‘Hij steeg op’ – wat betekent dat anders dan dat Hij ook is afgedaald naar wat lager ligt, naar de aarde? Hij die is afgedaald is dezelfde als Hij die opsteeg, tot boven de hemelsferen, om alles met zijn aanwezigheid te vullen. En Hij is het die zowel apostelen heeft aangesteld als profeten, zowel verkondigers van het evangelie als herders en leraren, om de heiligen toe te rusten voor het werk in zijn dienst. Zo wordt het lichaam van Christus opgebouwd, totdat wij allen samen door ons geloof en door onze kennis van de Zoon van God een eenheid vormen, de eenheid van de volmaakte mens, van de tot volle wasdom gekomen volheid van Christus. Dan zijn we geen onmondige kinderen meer die stuurloos ronddobberen en met elke wind meewaaien, met wat er maar verkondigd wordt door mensen die tot alles in staat zijn wanneer ze anderen listig en doortrapt op een dwaalspoor willen brengen. Dan zullen we, door ons aan de waarheid te houden en elkaar lief te hebben, samen volledig toegroeien naar Hem die het hoofd is: Christus. Vanuit dat hoofd krijgt het hele lichaam samenhang, en wordt het ondersteund en bijeengehouden door alle gewrichtsbanden. Ieder deel draagt op eigen wijze bij tot de groei van het lichaam, dat zo zichzelf opbouwt door de liefde.

We zullen twee weken besteden aan deze tekst. Vandaag zullen we de vraag stellen: “Waarom brengen de heiligen het evangelie tot het lichaam van Christus?” Volgende week zullen we de vraag stellen: “Hoe brengen de heiligen het evangelie tot het lichaam van Christus?” Een andere manier om dit te zeggen zou kunnen zijn: vandaag vragen we naar het doel of het streven van de algemene evangelische dienst, en volgende week vragen we naar de methodes en manieren die leden gebruiken om het evangelie tot het lichaam te brengen.

Inhoud

Moet elk lid het evangelie brengen tot het lichaam van Christus?

Maar voordat we kunnen beginnen met deze twee vragen, moet ik de aanname dat elk lid het evangelie tot het lichaam van Christus zou moeten brengen, onderbouwen. Waarom denk ik dat dit zo is?

Het antwoord wordt gevonden in vers 7 en in de verzen 11-12. In vers 7 vertelt Paulus dat elke individuele christen door Christus de gave van genade in verschillende mate is gegeven; en in de verzen 11-12 heeft hij het over hoe de kerk door Christus begaafd is met bepaalde evangeliserende mensen die de heiligen toerusten om het evangelie tot de mensen te brengen.

Elke gelovige is door Christus gegeven met afgemeten genade

Vers 7: “Aan ieder van ons is genade geschonken naar de maat waarmee Christus geeft.” Hier ligt de focus op Christus die elke gelovige een bepaalde mate aan genade geeft. U bent uniek begenadigd met Christus’ gave. Dat betekent dat u niet bij toeval onderdeel bent van het lichaam van Christus. Toen u de genade ontving was dat omdat Christus het gaf naar de maat die past bij zijn goede doelen voor u en voor het lichaam.

Dat bewijst nog niet dat elk lid het evangelie moet brengen tot het lichaam. Maar het legt de basis ervoor als het bij de verzen 11-12 komt: “Ieder van ons” is genade geschonken, niet naar de mate van onze waarde of verdienste maar naar de mate waarin Christus besloot deze te geven. In Romeinen 12:6 staat bijna hetzelfde: “We hebben verschillende gaven, onderscheiden naar de genade die ons geschonken is.” Het verschil in onze begaafdheden is te danken aan almachtige genade toegedeeld naar de wil van Christus, het hoofd. Het Hoofd weet wat goed is voor het lichaam.

De kerk is voorzien van mensen met verschillende functies

De verzen 11-12 verduidelijken nu het punt van dienstverlening door elk lid. Na het beschrijven (in verzen 8-10) hoe Christus opstond uit de dood en opsteeg naar de hemel als een overwinnende generaal met zijn wagens vol buit, klaar om het te verdelen over zijn troepen, zegt Paulus: “Hij [Christus] is het die zowel apostelen heeft aangesteld als profeten, zowel verkondigers van het evangelie als herders en leraren, om de heiligen toe te rusten voor het werk in zijn dienst. Zo wordt het lichaam van Christus opgebouwd.”

Dit verschilt van vers 7. Daar was het punt dat elke gelovige door Christus is gegeven naar verschil in genade. Hier is het punt dat de kerk door Christus is voorzien van mensen in verschillende functies: “zowel apostelen … als profeten, zowel verkondigers van het evangelie als herders en leraren [waarschijnlijk dezelfde functie].” Deze gaven aan de kerk – deze mensen – zijn belast met het toerusten van de heiligen, dat wil zeggen, de gelovigen. (Alle gelovigen zijn heiligen in het Nieuwe Testament; ze zijn bestemd voor God.)

De noodzaak van toerusten

Het woord toerusten betekent meestal iets repareren dat kapot is gegaan (zoals stukgetrokken netten, Mattheüs 4:21) of in iets voorzien dat ontbreekt (zoals in 1 Thessalonicenzen 3:10: “Wij bidden dat we kunnen aanvullen, of voorzien in, wat er nog aan uw geloof ontbreekt”). Dus het punt van de verzen 11-12 is dat Christus niet slechts afgemeten genade geeft aan elke gelovige in de kerk, hij geeft ook leiders aan de kerk, wiens taak het is om te herstellen wat kapot is en te voorzien in wat er bij de gelovigen ontbreekt.

We zullen volgende week hierover meer vertellen. Maar bedenk eens hoe belangrijk dit is voor het karakter van de kerk. Ieder van u is persoonlijk begaafd door Christus met genade op maat, en toch niet zo perfect dat u het niet nodig heeft om hersteld te worden of in iets voorzien te worden door apostelen, profeten, evangelisten, herders en leraren. Niemand kan zeggen: “Ik ben begaafd en begenadigd door Christus zelf, ik heb geen behoefte aan apostolisch gezag (die volgens mij komt via het Nieuwe Testament), profetische bemoediging, evangelische training, herderlijke vorming of menselijke leraren om de Bijbel toe te passen op mijn leven.” Deze tekst maakt duidelijk dat jullie allen begaafd zijn naar de mate van genade, en jullie allen missen in zekere mate de genadevolle verbetering. Het ene bewijst dat u echt nodig bent voor de kerk, en het andere bewijst dat u de kerk echt nodig heeft.

Voor het werk van de dienst/pastoraal werk

Maar het belangrijkste punt is nog steeds niet gemaakt. Vers 12 gaat verder door te stellen dat de leiders de heiligen toerusten voor een specifiek doel, namelijk “voor het werk in zijn dienst” of om “dienaren van de kerk te zijn.” Het repareren van wat kapot is en de voorziening in wat ontbreekt bij de heiligen is geen einddoel op zich. De leiders houden daar niet op en zeggen dan: “Oh, goed, nu hebben we de tekortkomingen van de heiligen hersteld en aangevuld. Het werk zit erop.” Nee, het herstel en de aanvulling zijn bedoeld om van de heiligen dienaren of geestelijken te maken.

Dit is dus uiteindelijk de verantwoording voor de bewering waarmee ik begon, namelijk dat elke heilige – elke christen – een evangelist is. Daarom kan de boodschap van vandaag worden voorzien van de titel “Waarom de heiligen het evangelie brengen tot het lichaam”, en de boodschap van volgende week kan worden voorzien van de titel “Hoe de heiligen het evangelie tot het lichaam brengen.”

Aan het lichaam moet nog veel worden gewerkt

Is het niet opvallend dat in Paulus’ visie op het lichaam van Christus, er veel werk aan moet worden besteed? Laat dat eens een minuut bezinken. Dat zal ons helpen voorkomen dat we teleurgesteld zijn als we beseffen hoe imperfect de kerk is. Het begint ermee dat mensen gelovigen worden en begenadigd worden naar de maat waarmee Christus geeft (vers 7). Dan moeten al deze heiligen baat putten uit leiders die hen toerusten voor de evangelische dienst. Maar voor wie is dan die dienst? Het is voor al diezelfde heiligen die de kerk dienen – het lichaam van Christus. Dat ziet u terug aan het einde van vers 12: “Om de heiligen toe te rusten voor het werk in zijn dienst [of pastoraal werk]. Zo wordt het lichaam van Christus opgebouwd.” Dus ondanks het feit dat alle heiligen begaafd zijn met genade direct afkomstig van Christus zelf, hebben wij allen de dienst van de heiligen nodig om ons te vormen; en, niet alleen dat, we hebben ook leidende heiligen nodig om ons te herstellen en te voorzien op manieren die ons helpen om heiligen te zijn die andere heiligen dienen.

De opbouw van het lichaam van Christus

De specifieke vraag van vandaag is nu: Waarom al dit pastoraal werk? Wat is het doel? Wat worden wij allen geacht te doen hier bij Bethlehem2? Wat houdt het in om kerk te zijn? Of te handelen als kerk? Dat is wat we ons in deze weken samen hebben afgevraagd.

Vers 12 vat het samen met de zin “Zo wordt het lichaam van Christus opgebouwd.” Het doel van al dit pastoraal werk is de opbouw van het lichaam van Christus. Daarover wil ik dat we nadenken in de resterende tijd van deze morgen. Wat is dat eigenlijk?

Niet hetzelfde als de opbouw van individuen

Ten eerste, besef goed dat het niet precies hetzelfde is als de opbouw van individuen. Uiteraard maakt dat er deel van uit: Paulus zei in Romeinen 15:2: “Laat ieder van ons zich richten op het belang van de ander, op wat goed en opbouwend voor hem is” (precies hetzelfde woord: oikodomen). We worden geacht om elkaar op te bouwen in geloof, hoop, liefde en heiligheid.

Maar dat is niet wat erin vers 12 staat. Hier is de pastorale zorg van de heiligen gericht op de opbouw van het lichaam van Christus. Wat Paulus hier wil benadrukken is het doel om het geheel te versterken, niet slechts de onderdelen. Dat is voor ons niet zo gemakkelijk te bevatten maar we moeten proberen om niet de tekst te verdraaien met onze neiging tot individualiteit. Het doel van uw evangelische dienst is een christelijke – en jullie hebben er allemaal een – het is om het lichaam als geheel op te bouwen.

De eenheid in geloof en de eenheid in kennis

Wat betekent dit nu? Verzen 13-15 geven het antwoord. Kijk eerst eens naar vers 13. Daar staat wat ons doel is: de opbouw van het lichaam “totdat wij allen samen door ons geloof en door onze kennis van de Zoon van God een eenheid vormen, de eenheid van de volmaakte mens, van de tot volle wasdom gekomen volheid van Christus.”

Dit bevestigt dat Paulus de opbouw van het lichaam als geheel wil benadrukken, niet alleen maar die van individuen. Er staat dat het doel eenheid in geloof en eenheid in kennis is. Mis de verouderde inslag hiervan niet: eenheid in kennis is niet bepaald politiek correct. Het sleutelwoord is tegenwoordig diversiteit, niet eenheid, specifiek als het gaat over beweringen kennis te hebben over de Zoon van God. Maar Paulus zou op de relativiteit van tegenwoordig hebben gereageerd met deze woorden: opbouw van het lichaam van Christus betekent zodanig evangeliseren dat er een eenheid in kennis ontstaat als basis voor de eenheid in geloof.

De verschuiving in de laatste 50 jaren

Elke poging tot eenheid in het lichaam van Christus, die de eenheid van kennis verkleind, zal niet zorgen voor de opbouw van het lichaam. Ik heb het gevoel dat we aan zijn gekomen bij de golftop van onverschilligheid voor de oprechtheid van de leer, voor de eenheid van kennis en het belang van de theologie. De recentste Christianity Today beschrijft de verandering van de laatste 50 jaren:

Vijftig jaar geleden waren evangelisten zeer bezig met het bestrijden van de moderne pogingen om het christendom los te maken van historische orthodoxie. Dat hield evangelische aangelegenheden geconcentreerd op de inhoud van het christelijk geloof – op de gestelde waarheid van de Schrift. Tegenwoordig schijnen evangelisten veel meer geïnteresseerd in vragen omtrent de aanbidding. Dat is in twee verschillende richtingen gegaan: een beweging richting de liturgie door zij die intellectueel geneigd zijn, en een beweging richting het charismatische door de doorsneekerkganger. Beide representeren een verschuiving die wegleidt van de kennis over God en richting de beleving van God.

Ik denk dat het zo klopt. Er is een verschuiving weg van de interesse in de juiste kennis over God richting een verlangen naar een meer directe beleving van God, die zich niet druk hoeft te maken over het kenniswerk. Maar ik vermoed dat we de onderkant van de kromme zien.

Openlijke vijandigheid jegens de Bijbel en de christelijke waarheid

De Star Tribune van gisteren publiceerde (schijnbaar met redactionele instemming) een artikel van twee atheïsten die het doel van Gene Kasmar verdedigden, om in Brooklyn Center de bijbel te weg te halen uit algemene scholen. Ze schreven: “Het klopt dat de Bijbel materiaal van waarde heeft … Maar die waardevolle delen kunnen waarschijnlijk in één pamflet worden vervat.” De reden dat ik zeg dat de Tribune dit met instemming heeft gepubliceerd, is dat de tekst onder het plaatje van de Bijbel, niet omgeven door quotes om aan te duiden dat het alleen de mening van de auteurs representeert, luidde: “De Bijbel staat vol met kindermishandeling die gepaard gaat met goddelijke instemming.”

Wat ik vermoed dat in de komende jaren zal gaan gebeuren, is dat dit soort openlijke vijandigheden jegens de Bijbel en de bijbeltrouwe mensen zal toenemen. Evangelisten die geen water bij de wijn wensen te doen, zullen erkennen dat wij niet de grote, invloedrijke macht in Amerika zijn, die we dachten te zijn. En we zullen beginnen om nogmaals de waarheden te benadrukken, die ons anders maken, in plaats van harde feiten weg te laten en dingen af te zwakken om ze aantrekkelijk te maken voor een seculiere cultuur die nog niet heeft toegehapt. Als dit gebeurt, zullen we het cruciaal belang van kennis, doctrine en theologie herontdekken. We zullen bewust worden van het feit dat slechts een paar mensen in de afgelopen jaren een uitgesproken verdediging van de Bijbel hebben ontwikkeld, die stand kan houden voor de vijandige spot van de Star Tribune. Maar het is al eerder gedaan en het zal nogmaals gebeuren.

De volwassen, complete en volledige mens – Christus zelf

Let nu eens, in het midden van vers 13, op het zinsdeel “volmaakte mens.” “… totdat wij allen samen door ons geloof en door onze kennis van de Zoon van God een eenheid vormen, de eenheid van de volmaakte mens.” Dit is het doel van onze evangelische dienst met de opbouw van het lichaam – opdat het lichaam een “volmaakte mens” vormt. Dat is geen individu. Ja, we zouden allemaal volmaakt moeten zijn. Maar hier verwijst Paulus naar Christus als “volmaakte mens.” Het volgend zinsdeel legt dit uit: “van de tot volle wasdom gekomen volheid van Christus.” De volmaakte, complete, volwassen mens hier is Christus.

Paulus beeldt Christus af als een volwassen mens, tot volle wasdom gekomen. Dan ziet hij de kerk als het lichaam van deze volwassen mens. Alleen het lichaam is nog in het proces van opbouw. We moeten elkaar dienen met niet alleen het oog op elkaar helpen volwassen te worden, maar ook met het oog op het bereiken van de volwassen status van het hele lichaam. Met andere woorden, aangezien wij het lichaam van Christus zijn, moeten wij volwassen worden als het lichaam, de volmaakte mens, de eenheid van de tot volle wasdom gekomen volheid van Christus.

Vers 15 gebruikt de metafoor van groeien in plaats van bouwen om hetzelfde te zeggen: “Dan zullen we, door ons aan de waarheid te houden en elkaar lief te hebben, samen volledig toegroeien naar Hem die het hoofd is: Christus.” Naar Christus toegroeien in vers 15 is hetzelfde als de status van volwassen mens bereiken in vers 13.

Het doel van onze dienst

Het doel van onze dienst – uw dienst, met uw genade en gaven – is om een lichaam van Christus te worden, dat een eenheid vormt in het geloof en een eenheid vormt in kennis, en dat meer en meer toegroeit naar de soort eenheid vormend persoon die Christus is. Ik heb gezegd dat dit niet gemakkelijk door ons begrepen kan worden. Maar ik wil het zeggen, ook al begrijp ik het niet helemaal.

Het doel van de dienst is niet alleen dat individuen opgebouwd worden maar dat het lichaam een persoonlijkheid als dat van Christus overneemt en een kracht als dat van Christus en een liefde als dat van Christus en een geest als dat van Christus.

We hebben hier nog veel te leren. Wij zijn, als Amerikanen, zeer gewijd aan persoonlijke, individuele vervulling en bevrediging zodat het idee om onze levens en dienst te wijden aan de opbouw van een lichaam van Christus, dat in zijn totaliteit lijkt op Christus en in zijn totaliteit een sterk geloof heeft en in zijn totaliteit een eenheid in kennis vormt en in zijn totaliteit lijkt op en handelt als de volwassen mens, Christus Jezus – het idee onszelf daaraan te wijden, is zeer moeilijk te bevatten.

Maar ik roep u daartoe op. Erover na te denken. En erover te bidden. En ernaar te verlangen. En met mij verder te gaan als we hier een vervolg aan geven volgende week door te vragen HOE we richting dit doel moeten evangeliseren.


Noot van de vertaler

1 Bijbelteksten zijn geciteerd uit de Nieuwe Bijbelvertaling van 2021 (NBV21)
2 Bethlehem Baptist Church, een baptistengemeente in Minnesota, VS